Regionale samenwerking – gemeente waar begin je aan?
Regionale samenwerking is een beetje als verbouwen terwijl je er nog woont. Iedereen ziet dat het nodig is, niemand heeft er echt tijd voor en ondertussen moet de winkel wel openblijven. Toch is regionale samenwerking onmisbaar voor toekomstbestendig besturen en samenwerken. Juist daarom leek het me goed om eerlijk te zijn over wat er op orde móét zijn voordat je enthousiast de regio in rent. En nee, dat gaat niet vanzelf.
1. Een gedeelde opdracht: samenwerken is geen doel op zich
Veel samenwerkingen starten met een gevoel van urgentie: wonen, zorg, mobiliteit, energie – het kan allemaal niet meer alleen. Klopt. Maar daar houdt de gezamenlijke wijsheid vaak op. Want als de regionale opdracht niet scherp is, verandert samenwerking al snel in een overlegcarrousel waar iedereen instapt en niemand weet waar de eindhalte ligt.
Toekomstbestendig besturen begint met keuzes maken. Wat vraagt deze opgave over vijf of tien jaar? En wat betekent dat nú voor onze manier van samenwerken? Dat vraagt leiderschap dat verder kijkt dan de volgende collegeperiode. Bestuurders die durven zeggen: dit is écht regionaal – en dus ook: dit laten we lokaal. Leiderschap betekent hier dus vooral durven begrenzen. Niet elk probleem is een regionaal probleem. Wie dat niet benoemt, eindigt met een samenwerking die van alles doet en nergens echt over gaat.
2. Governance: niet sexy, wel essentieel voor de toekomst
Zodra niemand meer exact weet wie beslist, wie betaalt en wie het boetekleed aantrekt als het misgaat, is de samenwerking feitelijk al ontspoord. Regionale tafels hebben een onweerstaanbare neiging om complex te worden: stuurgroepen, kerngroepen, klankbordgroepen – liefst allemaal tegelijk. Bij veel regionale partijen zie ik dezelfde reflex: eerst een structuur optuigen, daarna zien we wel. Het resultaat is vaak indrukwekkend op papier, maar ondoorgrondelijk in de praktijk. En precies daar gaat het mis als het spannend wordt.
Toekomstbestendig besturen en samenwerken vraagt om governance die helder, schaalbaar en uitlegbaar is. Wie mag beslissen als tempo nodig is? Wie draagt risico’s bij grote transities? En hoe blijft de democratische legitimatie overeind als besluiten zich steeds verder van het gemeentehuis verwijderen? Een succesvolle regionale samenwerking heeft geen behoefte aan schijnzekerheid, maar aan duidelijke afspraken. Heldere mandaten, simpele besluitvorming en transparante verantwoording. Dat vraagt van alle partijen dat ze weerstand kunnen verdragen als het in eigen huis even pijn doet maar het grotere geheel vooruitbrengt.
Leiderschap betekent hier: eenvoud durven aanbrengen; niet nog een structuur bedenken, maar een afspraak naleven. Niet elke onzekerheid dichtregelen, maar wel rolvast blijven. Want niets ondermijnt vertrouwen zo snel als bestuurders die regionaal ‘ja’ zeggen en lokaal ‘ja, maar…..’.
3. Vertrouwen: de langste adem van toekomstige bestuurders
Vertrouwen wordt vaak genoemd in de eerste bijeenkomst en gemist in de derde. Alsof het vanzelf ontstaat zodra het in het startdocument staat. In werkelijkheid is vertrouwen een werkwoord. Het zit in informatie delen vóórdat er een probleem is. In afspraken nakomen, ook als dat politiek even onhandig is. En in elkaar aanspreken zonder meteen naar de exit te kijken.
Je kunt het zien als een bijvangst van consistent gedrag en voorspelbare leiders. Die regionaal denken, maar lokaal uitleggen. Regionale samenwerking vraagt dus ook om leiders die tegen een stootje kunnen, die transparant zijn over dilemma’s en die niet bij elke tegenwind teruggrijpen op het eigen belang. Het vraagt om relationeel leiderschap: investeren in elkaar vóórdat de crisis zich aandient. Wie elkaar alleen spreekt als het moet, is altijd te laat. Wie elkaar kent, durft elkaar ook stevig aan te spreken – en dat is precies wat complexe regionale opgaven nodig hebben.
Tot slot
Regionale samenwerking is geen hype, maar een noodzaak. En toekomstbestendig besturen begint niet met grootse visies of fraaie regiologo’s, maar met vakmanschap aan de bestuurstafel. Met scherpe keuzes, heldere spelregels en leiders die verder kijken dan vandaag – zonder morgen als excuus te gebruiken. Het is bestuurlijk teamwork op hoog niveau. Wie daar niet aan wil beginnen, kan beter lokaal blijven. Wie het wél aandurft, weet: makkelijk wordt het niet. Maar wel beter.
Houd regionale samenwerking jou als bestuurder of manager ook bezig? En zou je hier eens vrijblijvend over willen sparren? Laat het ons weten, we komen graag in gesprek.
Auteur
