Gluren bij de buren

Onze stagiaire Anne-Carlijn Bakker heeft bij ons een afstudeeronderzoek gedaan en in het licht daarvan een aantal zorgmanagers geïnterviewd over (effectieve) netwerksamenwerkingen in de zorg. Lees haar verbazingen en frisse blik in dit artikel.
 
‘Het proces naar waar we nu staan in onze samenwerking, heeft meer dan vijf jaar geduurd. En kun je nagaan, dan zijn we eigenlijk nog steeds bezig om bepaalde afspraken met elkaar te maken’. Na mijn eerste interview met een bestuurder van een grote thuiszorgorganisatie in het midden van ons land, herhaalt deze uitspraak zich meerdere keren in mijn hoofd. Terwijl ik in de trein naar huis zit, ga ik tevergeefs op zoek naar een eenduidige verklaring. Vijf jaar lang: stoeien op de complexiteit van samenwerken? In de interviews die volgen, blijkt die uitspraak geen uitzondering en ik kom erachter dat er meer nodig is voor een effectieve samenwerking dan een geschikte governance en concrete veranderagenda.

 

Samenwerking om disruptieve thema’s het hoofd te bieden

Wij zijn constant in gesprek met zorgbestuurders over netwerksamenwerking in de zorg. Over de uitdagingen waar ze tegenaan lopen, en de oplossingen die ze zien. Maar ook hoe zij netwerksamenwerking zien als deeloplossing om disruptieve thema’s het hoofd te bieden. Want die zijn er: arbeidsmarktproblematiek, vergrijzing, wachtlijsten, beperkte budgetten. Toch zijn er een aantal ‘succesfactoren’ te benoemen die door bestuurders zelf vaak genoemd worden voor een effectieve vorm van netwerksamenwerking.

 

Urgentie versterkt de intrinsieke motivatie

Urgentie zorgt ervoor dat partners in actie komen. Op basis van urgentie, ontstaan volgens bestuurders de organische samenwerkingsvormen, waarbij de meeste partijen intrinsiek gemotiveerd zijn. ‘Moetjes’ verliezen aan populariteit omdat de onderlinge verhouding daardoor direct verandert: van concullega’s naar de ouderwetse concurrentie- verhouding. Dat laatste, is niet wat je nodig hebt.

 

Ruimte om autonome keuzes te maken

Ruimte is van essentieel belang voor iedereen die deel uitmaakt van een netwerksamenwerking. Bestuurders hebben behoefte aan partnerschap met partijen die soms andere belangen hebben: zorgverzekeraars en toezichthouders bijvoorbeeld. Door ruimte, in de breedste zin van het woord, zijn zorgorganisaties in staat om autonome keuzes te maken die beter bij ze passen. Die ruimte wordt dan ook, logischerwijs, liever niet ‘weggegeven’.

 

Vanuit vertrouwen iemand in je keuken laten kijken

Vertrouwen is volgens Covey de minst begrepen, de meest verwaarloosde en de meest onderschatte noodzaak van onze tijd. Met andere woorden: besteed de tijd en de aandacht die nodig is voor het opbouwen van een echte vertrouwensband. Transparantie is daar onlosmakelijk mee verbonden: het helpt wanneer je vanuit vertrouwen af en toe in ‘je keuken’ laat kijken. En jij dus ook in die van een ander.

De onderlinge (vertrouwens)relatie bepaalt – zo wordt vaak aangegeven – in grote mate het succes van een netwerksamenwerking. Volgens bestuurders is samenwerken ook wel een vorm van ‘relatiemanagement’, waarin bepaalde obstakels of moeilijkheden eerder besproken zullen worden wanneer er een hoge mate van vertrouwen heerst.
 

Overigens – en dat maakt het voor ons interessant –vraagt het van de zijde van de adviseurs niet alleen deskundigheid en expertise, maar ook procesgevoeligheid, begrip en empathie. Een stijl die vertrouwen een voedingsbodem geeft.
 

Samenwerken vraagt om visie op wat je de maatschappij wil bieden

Cultuur en mensbeeld gaat over het gedeelde beeld van de huidige, en vooral de toekomstige, maatschappelijke opgaven: wat wil je de maatschappij bieden vanuit de positie die je als bestuurder bekleedt? Samenwerken vraagt om het loslaten van je individuele organisatie-oriëntatie. Wat dat betreft vraagt netwerksamenwerking om een vorm van leiderschap waarin, volgens de bestuurders zelf, mildheid en relativeringsvermogen, kleuren buiten je eigen comfortgrenzen, overtuigingskracht, en last but not least, een vleugje lef terugkomen.

 

Kwetsbaarheid tonen is een kracht

Lef heeft te maken met kwetsbaar durven zijn. Het draait om de eer die toekomt aan diegene die daadwerkelijk in de arena staat, die fouten maakt en soms tekortschiet, maar die desondanks toch probeert iets te bereiken. Door allerlei transities is het noodzakelijk voor zorgpartijen om op regionaal niveau nauwer met elkaar samen te werken en dat gaat niet zonder slag of stoot.

 

Gluur bij de buurman en verbind

Vanuit iedereen die we spreken, maar ook vanuit onszelf, een kleine doch gepassioneerde oproep: ga in gesprek met elkaar en ga in de vorm van co-creatie op zoek naar nieuwe wegen die naar de zorg van morgen leiden. Die weg is al op een aantal plaatsen zichtbaar, bijvoorbeeld in het oosten van het land. Daar waar ze dondersgraag even komen gluren bij de buren dankzij het oude 'noaberschap'. Juist daar, waar de huizen ver uit elkaar staan, lijken bestuurders bijna vanzelfsprekend over de competentie te beschikken om op zoek te gaan naar verbinding.

Voor diegene die op zoek gaat naar co-creatie, en écht verder wil komen: heb vertrouwen dat ons allen eer toekomt. Aan iedereen die buren laat gluren. Die zelf gluurt uit nieuwsgierigheid en liever samen stuurt.

 

Anne-Carlijn